Gepubliceerd op maandag 12 januari 2026
IEF 23199
Rechtbank Amsterdam ||
11 nov 2025
Rechtbank Amsterdam 11 nov 2025, IEF 23199; ECLI:NL:RBAMS:2025:8664 ([eiseres] tegen [gedaagde]), https://lsenr.minab.nl/artikelen/koopster-moet-bewijzen-dat-gekochte-hermes-birkin-daadwerkelijk-door-verkoopster-is-geleverd-en-nep-is

Koopster moet bewijzen dat gekochte Hermès Birkin daadwerkelijk door verkoopster is geleverd én nep is

Rb. Amsterdam 11 november 2025, IEF 23199: ECLI:NL:RBAMS:2025:8664 ([eiseres] tegen  [gedaagde]). In deze zaak bood verkoopster een tas aan van het merk Hermès, model Birkin 25 Etoupe PHW (silver hardware). Na het zien van de tas heeft de koopster deze vervolgens gekocht voor € 12.500,00. In een ondertekend, handgeschreven document wordt bevestigd dat de tas authentiek is, en als blijkt dat de tas niet echt is, de koopster het volledige bedrag terugkrijgt. Omdat de tas nep blijkt te zijn, doet de koopster een beroep op de ontbindende voorwaarden en vordert terugbetaling van de koopprijs. Twee Hermès specialisten in Indonesië hebben de namaak bevestigd. De verkoopster voert in haar verweer aan dat niet duidelijk is of de ter zitting getoonde tas de door haar geleverde tas is. Daarnaast betwist zij een namaaktas te hebben geleverd. Als de vorderingen van koopster worden toegewezen, vordert de verkoopster tot teruggave van de tas.

De kantonrechter oordeelt dat er onvoldoende aanknopingspunten zijn om vast te kunnen stellen of de ter zitting getoonde tas door de verkoopster is geleverd, en zo ja, of die tas namaak is. De bewijslast ligt bij de koopster. Zij moet aantonen welke tas door verkoopster aan haar geleverd is en dat die tas namaak is. Bij het aantonen hiervan kan de koopster gebruik maken van de unieke codes van de tas en gebruikssporen, deze zijn mogelijk zichtbaar op foto’s, een video-opname gemaakt door de verkoopster, de Marktplaatsadvertentie of het berichtverkeer tussen koopster en verkoopster. Deze gegevens zijn geen onderdeel van het dossier en bovendien betwist de verkoopster deze gegevens. Als wordt vastgesteld dat de getoonde tas de door de verkoopster geleverde tas is, wordt toegekomen aan de beoordeling van de authenticiteit van de tas. De twee keuringsrapporten waarnaar de koopster verwijst zijn onvoldoende toegelicht. De koopster zal deze nader moeten toelichten om nader te onderbouwen dat de ontbindende voorwaarde zou zijn vervuld. De procedure zal vanwege de bewijsopdracht worden verwezen naar de rol en iedere verdere beslissing zal worden aangehouden. 

5.3: “Het dossier biedt vooralsnog onvoldoende aanknopingspunten om te kunnen vaststellen of de door [eiseres] ter zitting getoonde handtas door [gedaagde] aan haar is geleverd en, zo ja, of die tas namaak is. In hetgeen partijen daarover naar voren hebben gebracht ziet de kantonrechter redenen om [eiseres] toe te laten tot bewijslevering. Anders dan haar gemachtigde ter zitting heeft aangevoerd, draagt zij de bewijslast van haar stelling dat de door [gedaagde] aan haar geleverde tas niet van het merk Hermès is (hoofdregel in artikel 150 Rv). Overeenkomstig haar ter zitting gedane bewijsaanbod zal zij daarom in de gelegenheid worden gesteld die stelling te bewijzen. Zij moet dus bewijzen welke tas door [gedaagde] aan haar is geleverd en dat die tas namaak is.”

5.4: “In verband met deze bewijsopdracht wordt nog het volgende overwogen. Naar de kantonrechter begrijpt, kan de geleverde tas worden onderscheiden van andere tassen, door bijvoorbeeld de unieke code aan de binnenzijde van de tas en/of bepaalde gebruikssporen, waaronder eventuele krassen aan de buitenzijde. De getoonde tas zou vervolgens als de geleverde tas kunnen worden herkend als de code in en/of (een deel van) de gebruikssporen op de getoonde tas daarmee overeenstemmen. Daarvoor is dan nodig vast te stellen welke code de geleverde tas heeft en/of welke gebruikssporen die tas ten tijde van de aflevering eventueel had. Mogelijk is dit zichtbaar i) op foto’s die rondom het moment van de bezichtiging en levering van de tas door [eiseres] en haar echtgenoot zijn gemaakt, waarvan zij een deel tijdens de zitting hebben laten zien, ii) in een video-opname van de tas, gemaakt door [gedaagde] die [eiseres] stelt te hebben ontvangen, iii) in de Marktplaatsadvertentie waarover [eiseres] nog zegt te beschikken, iv) in eventueel berichtenverkeer met de zus van [eiseres] en/of v) in andere gegevens. Deze gegevens zijn echter geen onderdeel van het procesdossier. Bovendien heeft [gedaagde] betwist dat de getoonde foto’s overeenkomen met de door [eiseres] geschetste tijdlijn rondom de koop en aangevoerd dat die foto’s na de aankoop zijn gemaakt.”

5.5: “Voor zover zou kunnen worden vastgesteld dat de door [eiseres] getoonde tas de door [gedaagde] aan haar geleverde tas is, wordt toegekomen aan de beoordeling van de authenticiteit van die tas. Ter onderbouwing van haar stelling dat de ontbindende voorwaarde is vervuld, heeft [eiseres] verwezen naar twee keuringsrapporten, waarvan [gedaagde] de juistheid heeft betwist. [gedaagde] heeft aangevoerd dat het beginsel van hoor en wederhoor bij beide onderzoeken niet is toegepast en dat uit die rapporten niet blijkt dat deze betrekking hebben op de tas die zij aan [eiseres] heeft geleverd, noch blijkt dat sprake is van een namaaktas. Daarin wordt [gedaagde] in zoverre gevolgd dat de keuringsrapporten nog onvoldoende zijn toegelicht om mede op basis daarvan te kunnen beoordelen of de ontbindende voorwaarde is vervuld. In deze rapporten is bijvoorbeeld onder meer niet toegelicht hoe het onderzoek is aangevraagd en verlopen, welk verschil tussen echt en namaak daarin zichtbaar is en wat de deskundigheid van de rapporteurs is. In het kader van haar bewijsopdracht krijgt [eiseres] dus de gelegenheid om nader te onderbouwen dat de ontbindende voorwaarde zou zijn vervuld, bijvoorbeeld door de keuringsrapporten nader toe te lichten.”